Nieuwsbrief Lieve Engeltjes Nummer 17, september 2005

Activiteit in het licht (Schaduwkind)

In Literair Theater Branoul wordt voor het tweede achtereenvolgende jaar in september en oktober de toneelvoorstelling 'Schaduwkind' gespeeld. Dit is naar een bewerking van het boek Schaduwkind van P.F.Thomése.

Vorig jaar heb ik een van de voorstellingen bijgewoond. Ik was best gespannen, want wat kan er met je gebeuren als je naar deze voorstelling zit te kijken, terwijl je zelf nog niet zo lang daarvoor je eigen kindje verloren hebt. Het boek had mij echter heel erg aangegrepen en daarom was ik eigenlijk ook nieuwsgierig hoe je daar een toneelvoorstelling van zou kunnen maken. Gaandeweg de voorstelling zakte de spanning en kon ik genieten van het moment, het spel en toch ook van de spanning en emoties, zonder dat de voorstelling of ik zelf emotioneel werd.

Nu opnieuw de voorstellingen gespeeld gaan worden, heb ik contact gezocht met de acteur die het stuk speelt voor meer achtergrondinformatie. Want waarom speel je in een voorstelling over een boek waarin zo’n intens thema aan de orde komt?

Bob Schwarze is de acteur/verteller in de voorstelling. Hij wordt door Wolfert Brederode op piano begeleid.
In de voorstelling worden stukken tekst uit het boek voorgedragen en de verteller zorgt ervoor dat de tekst gaat leven. De tekst, die gaat over zo’n gevoelig thema, komt door het vertellen tot leven, zonder dat het een dramatische voorstelling wordt.
Het verhaal gaat, net als het boek, niet zozeer over het doodgaan van het dochtertje van de auteur, maar over de zoektocht van de auteur, die probeert te begrijpen wat er met je gebeurt nadat je kind is overleden. Hij probeert de nieuwe situatie die ontstaan is te benoemen, woorden te geven en te relativeren wellicht. Er zit niet zo zeer een achterliggende boodschap in het verhaal. Het is een beschrijving van het verwerkingsproces van de auteur in de eerste periode na het verlies van zijn kind.

Wolfert Brederode en Bob Schwarze
Wolfert Brederode en Bob Schwarze

De verteller wil tijdens de toneelvoorstelling bereiken dat het publiek door het verhaal wordt meegenomen op deze zoektocht, maar vooral daarin zijn eigen pad volgt. Het publiek kan zich identificeren met de situatie van het boek, maar dat is niet noodzakelijk. Immers, iedereen maakt zijn eigen verliessituaties mee waarbij emoties en (angst voor) verliezen een rol spelen. Ook deze identificatie met verlies is niet noodzakelijk om de voorstelling te waarderen en mooi te vinden. De voorstelling is een prachtige balans tussen verhaal, spel en muziek.

De muzikale begeleiding is onderdeel van het verhaal en niet, zoals vaak gebruikelijk is, om bepaalde sfeer of emoties te versterken. De geluiden die gemaakt worden horen steeds weer bij het specifieke deel van het verhaal, uitmondend in het prachtige laatste stuk Shadow Child, speciaal door Wolfert Brederode gecomponeerd nadat hij Schaduwkind gelezen had.

Schaduwkind is voor Bob Schwarze een zware voorstelling om te spelen. Het gehele stuk door is er een ingehouden spanning voelbaar, die maar op enkele ogenblikken even doorbroken wordt door een luchtiger tekst of door een stemverheffing en beweging. Er is geen climax waar naartoe gewerkt wordt. Die is in het boek ook niet aanwezig, past ook niet in het verhaal. Het zijn immers allemaal kleine hoofdstukjes met gedachtegangen die niet chronologisch opgeschreven zijn.
De tekst van het boek is grotendeels letterlijk gevolgd, hoewel er gedeelten voor de voorstelling niet gebruikt zijn, omdat het verwijzingen zijn die niet direct met de verliessituatie zelf te maken hebben. Deze ‘intellectuele’ gedeelten zijn gedachten van de auteur waarmee hij voor zichzelf bepaalde relaties legt, maar ze zijn te ‘abstract’ om in de voorstelling te gebruiken.
De volgorde van het boek wordt niet geheel aangehouden, maar dat is voor het verhaal en de voorstelling niet van belang. De volgorde in het boek is immers ook niet chronologisch.

Het decor waarin de verteller en de pianist zich bevinden is vooral simpel gehouden, een witte ‘serene’ achtergrond met daarin beelden van kunstenaar Xander Spronken, die zowel functioneel gebruikt worden (om op te zitten), maar vooral veel overlaten aan de verbeelding van de toeschouwer.

De voorstelling wordt gespeeld in een klein theater, waarbij het podium dicht op het publiek is. Op deze manier is het publiek onderdeel van de voorstelling zonder dat ze ‘meedoen’ in het stuk. De emotie en spanning van de verteller en de muziek resoneert door op het publiek. Dat wil niet zeggen dat het per definitie een ‘zware’ voorstelling is. Er zijn een aantal luchtiger teksten in het stuk en er mag gelachen worden. Immers het leven is niet alleen maar zwaar.
Een prachtige voorstelling die de moeite van het bezoeken waard is.

Adri Westmaas, mama van Sander en David*